111
Elektrocardiografie (ECG)
111 Elektrocardiografie (ECG)
A Indicaties voor aanvragen
- ritme-afwijkingen.
- coronairlijden of borstklachten van onduidelijke aard.
- eerder doorgemaakte AMI (controle).
- vermoeden hartfalen.
- hypertensie.
- andere ‘aanvallen’ (zoals duizeligheid), die mogelijk van cardiale oorsprong zijn.
Contra-indicatie
B Uitvoering
C Opmerkingen
- ad ritme-afwijkingen
Permanente ritme-afwijkingen kunnen goed op een willekeurig afgenomen ECG worden vastgelegd. Voor paroxysmale afwijkingen of het vermoeden ervan kan gebruik worden gemaakt van 24-uurs Holter registratie. Geïsoleerde premature contracties (extrasystolen?) zijn klinisch niet relevant.
- ad coronair lijden of borstklachten van onduidelijke aard
Manifestatie ischemie (coronaire insufficiëntie en/of myocardinfarct) kan zichtbaar worden als ST/T afwijkingen met of zonder pathologische Q ontwikkeling. Seriële vergelijking leidt tot betere conclusies. Indien er anamnestisch een zekere verdenking bestaat op coronairlijden en een ECG in rust zonder afwijkingen is, dan kan een inspannings-ECG worden overwogen (betere sensitiviteit en specificiteit). De huisarts kan geconfronteerd worden met klachten en symptomen die kunnen wijzen op een cardio- c.q. cerebrovasculaire aandoening. Soms zullen deze zo duidelijk zijn dat onverwijld kan worden verwezen naar de cardioloog, soms zo meervoudig interpreteerbaar dat de arts voor een besliskundig dilemma staat. In SAN Handboek 2002, hoofdstuk 6.3, worden een aantal middelen gegeven om een zo goed mogelijke keuze te maken.
- ad hypertensie
Bij hypertensie is het nuttig te weten of er linkerventrikelhypertrofie (LVH) bestaat (mondt na jaren uit in decompensatio cordis). De sensitiviteit van het ECG voor het aanduiden van LVH schiet te kort. Echocardiografie verdient de voorkeur, als erg gevoelige diagnostiek gevraagd wordt.
- ad hartfalen: Zie tabel
Print deze pagina
Copyright © 2012 SAN -
info@de-san.nl