18 CEA
(carcino-embryonaal antigeen)
1 Indicaties voor aanvragen
- post-operatieve follow-up colon-, rectum- en maagcarcinoom.
2 Referentiewaarden:
tot 3 μg/l.
3 Verhoogde waarden bij:
- colon-, rectum- en maagcarcinoom.
- NB.: In 1/3 der gevallen is, ten tijde dat de diagnose gesteld wordt, de CEA normaal. CEA bepaling is dus niet geschikt om carcinoom uit te sluiten. Patiënten, die een normale pre-operatieve CEA hebben, komen echter evengoed voor controle met CEA op de langere termijn (recidief) in aanmerking als patiënten met een verhoogde preoperatieve CEA, omdat in beide groepen bij recidief het CEA gaat stijgen.
- carcinomen van mamma, pancreas, schildklier, ovarium, enz. in ca. 30 - 60% der gevallen.
- verschillende niet-maligne aandoeningen, zoals levercirrose, ontsteking (bv. hepatitis, colitis ulcerosa), longemfyseem, polyposis coli, enz. (in 15 - 40% der gevallen, tot max. 5 - 10x de bovengrens van het referentiegebied).
- rokers en alcoholici (tot ca. 3x de bovengrens van het referentiegebied).
4 Opmerkingen
- ad tumoren van bv. de tractus digestivus:
- indien de CEA waarde hoger ligt dan 10x de bovengrens van het referentiegebied vormt dit gegeven een sterke aanwijzing voor een tumorproces. Doorgaans zal in zulke gevallen de werkdiagnose reeds op een andere wijze zijn gesteld.
- hoe hoger de CEA waarde vóóraf aan de primaire behandeling, hoe groter de kans op de aanwezigheid van metastasen.
- normalisatie van pre-operatieve CEA na resectie is geen bewijs van radicaliteit van deze therapie.
- indien na tumorresectie een (aanvankelijk genormaliseerde) CEA weer stijgt, is dit een aanwijzing voor lokaal recidief en/of metastasering.
Print deze pagina
Copyright © 2012 SAN -
info@de-san.nl