
45 Hemoglobine (HB)/MCV
1 Indicaties voor aanvragen
- uitsluiten/bevestigen bij verdenking anemie.
- follow-up van behandeling van een anemie.
- zwangerschapscontrole (1e trimester, herhaling in 29 - 30e week).
- alcoholisme.
- ijzergebrekstherapie (follow-up, in combinatie met serumferritine bepalingen).
2 Referentiewaarden:
3 Verhoogde waarden van Hb bij:
- dehydratie (totaal eiwit verhoogd).
- polycythemie (Ht verhoogd).
- langdurig verblijf op grote hoogte (Hb kan nog net in normaalgebied blijven).
- gebruik 'epo', (zeldzaam) erythropoietine producerende tumor.
Verlaagde waarden van Hb bij o.a.:
- ijzergebrek (in beginstadium van ijzergebrek is MCV nog normaal, in chronisch stadium is MCV verlaagd). Bv. malabsorptie, chronisch bloedverlies door darmtumor of medicatie als NSAID, veelvuldig bloeddonaties, mijnworm, gebruik protonpompremmer, enz.
- chronische aandoening (chronische infectie als bv. tbc). MCV normaal of verlaagd.
- zwangerschap. Lichte verlaging, vooral in 3e trimester. NHG normen: men spreekt bij een zwangere pas van anemie als: t/m de 17e week Hb ≤6,8 mmol/l en vanaf 18e week t/m dag 10 post partum Hb ≤ 6,5 mmol/l bedraagt; voor negroïde vrouwen gelden resp. 6,7 en 6,0 mmol/l.
- acuut bloedverlies (anemie treedt pas later eventueel op). MCV meestal normaal.
- voortgeschreden nierziekte (productie erythropoietine verminderd), endocrinologische aandoening (schildklier, bijnier), beenmergverdringing (bv. M. Kahler, metastasen, leukemie). MCV meestal normaal.
- vit. B12- en/of foliumzuurgebrek (MCV meestal verhoogd): bv. malabsorptie, veganistische voeding, na maagresectie, na resectie ileum, gebrek aan intrinsieke factor. Pernicieuze anemie is het gevolg van een auto-immune aantasting van de pariëtale cellen in het maagcorpus die de intrinsieke factor, nodig voor de absorptie van vit. B12 in de ileus, produceren. Andere oorzaken met verhoogd MCV: bv. alcoholisme, hypothyreoïdie, vit. C gebrek, bepaalde medicijnen.
- sideroblastische anemie (bv. door tuberculostaticum, alcoholisme). MCV verlaagd of normaal.
- verhoogde afbraak (hemolytische anemie) van erythrocyten (ery’s). MCV kan normaal (meestal), verhoogd (door aanwezigheid van vele jonge ery’s) of verlaagd zijn. Hb kan (nog) normaal zijn door compensatoir toegenomen erythropoiese.
Voorbeelden:
- beschadiging/afwijking van ery-membraan. Bv. uremie, malaria tropica, kunstklep, leishmaniasis, paroxismale nachtelijke hematurie (zeldzame afwijking in structuur ery-membraan), hereditaire sferocytose.
- storing in vorming van ery’s (belangrijke vraag: is er pancytopenie?) of storing in vorming Hb, bv. sikkelcelanemie (MCV verlaagd).
- enzymdeficiëntie in de ery’s. Bv. deficiëntie van glucose-6-fosfaatdehydrogenase; provocerende factor in dit geval o.a. consumptie van tuinbonen, gebruik bepaalde geneesmiddelen, infecties als bv. pneumonie, hepatitis A.
- immunologische anemieën (auto-immuuntype of geneesmiddelantilichaam-complex dat zich aan ery-membraan hecht). Bv. autoimmuunziekte als SLE (MCV normaal).
- loodvergiftiging (MCV verlaagd).
4 Opmerkingen
- vervolgonderzoeken: uitgangspunt is waarde van MCV: bij verlaagd MCV serumferritine; bij normale MCV aantal reticulocyten; bij verhoogde MCV foliumzuur en vit. B12, eventueel gevolgd door bepaling van o.a. aantal reticulocyten. Zie SAN Handboek 2002, hoofdstuk 1.1.
- ijzersuppletie bij ijzerdeficiëntie voere men op geleide van bekende serumferritine waarden.
- alvorens ijzersuppletie te overwegen, vergewisse men zich dat het verlaagde Hb niet het gevolg is van een andere oorzaak dan ijzergebrek, bv. anemie bij chronische ziekte of hemoglobinopathie. Zo kan worden voorkomen dat de patiënt ten onrechte ijzersuppletie krijgt met risico van ijzerstapeling.
- de NHG adviseert om oudere patiënt met ijzergebreksanemie te verwijzen ter uitsluiting van maligniteit van het maagdarmkanaal.
- hemoglobinopathieën (gering afwijkende samenstelling van aminozuren in Hb, bv. HbS bij sikkelcelafwijking (MCV vaak normaal bij sikkelcelanemie) of onvoldoende inbouw van α- c.q. ß-ketens in Hb (thalassemieën, sterk verlaagd MCV)) komen in homozygote of heterozygote vorm voor. Terwijl de patiënt met heterozygote vorm van sikkelcelafwijking (‘trait’) alleen bij bv. zware inspanning een crise kan krijgen, kunnen homozygoten ernstige crisen doormaken; daarbij zich presenteren met misleidende klachten als schijnbare appendicitis, die in werkelijkheid een ‘sikkelcelbuik’ is (direct opereren zou dan fataal zijn). Zie Hb-VARIANTEN.
- anemie bij alcoholisme kan o.a. veroorzaakt worden door foliumzuurgebrek (zie foliumzuur) en/of door storing in vorming van Hb en/of ijzertekort (bloedverlies in tr. digestivus).
- als bij ijzergebrek ook een foliumzuur- of vit. B12-gebrek aanwezig is, kan MCV normaal of verhoogd zijn.
- andere parameters die hemolyse in vivo kunnen ondersteunen: reticulocyten (verhoogd, behalve in, bij reticulocyten genoemde, gevallen), haptoglobine (verlaagd, zie voor uitzonderingen: HAPTOGLOBINE), bilirubine (verhoogd bij ernstige hemolyse), LD (verhoogd).
- bij de diagnostiek van auto-immuun hemolytische anemieën wordt als screening de zg. directe antiglobuline test (‘Coombs test’) gebruikt. Deze test valt positief uit bij aan ery’s gebonden IgG-antistoffen c.q. aan ery’s via complement gebonden IgM-antistoffen c.q. aan ery’s gebonden complementfactoren.
- oorzaken van anemie die bij (hoog)bejaarde personen vaker voorkomen zijn: verlaagde synthese ery’s door vervetting beenmerg of verminderde productie van erythropoietine a.g.v. voortgeschreden nierinsufficiëntie of gestoorde opname van vit. B12 (bv. ontbreken ‘íntrinsic factor’, medicatie) of foliumzuurdeficiëntie (eenzijdige en meermaals gekookte voeding) of chronische ziekte of ijzergebrek of versnelde afbraak ery’s in milt door verlaagde vervormbaarheid van ery’s.
- RDW (‘Red Cell Distribution Width’) is een maat voor de aanwezige variatie in grootte van de erythrocyten. Referentiewaarden: 10 – 15%. Bij microcytaire anemie kan de RDW van enige betekenis zijn; bij toenemend ijzergebrek neemt de MCV geleidelijk af en bijgevolg de spreiding toe, d.w.z. RDW neemt (sterk) toe. Een normale RDW kan enige bevestiging geven aan een vermoede afwezigheid van ijzergebrek. Een verhoogde RDW kan bij verschillende typen anemieën voorkomen. Overigens komt een normale RDW ook voor bij bv. aplastische anemie, anemie bij chronische ziekte en ß-thalassemie.
Print deze pagina
Copyright © 2010 SAN -
info@de-san.nl