77 Trombotest
1 Indicaties voor aanvragen
- controle bij gebruik van orale anticoagulantia.
De Federatie van Nederlandse Trombosediensten adviseert met betrekking tot antistollingsbehandeling twee intensiteitsgroepen:
- 1e Intensiteitsgroep (therapeutische range 2,5 - 3,5 INR).
Indicaties:
- atriumfibrilleren (met/zonder embolie).
- primaire en secundaire preventie diep veneuze trombo-embolie.
- primaire preventie veneuze trombo-embolie bij orthopedische patiënten in een poliklinische setting.
- recidiverende veneuze trombo-embolie, optredend in een periode zonder antistollingsbehandeling.
- cerebrovasculaire insufficiëntie.
- 2e Intensiteitsgroep (therapeutische range 3,0 - 4,0 INR).
Indicaties:
- primaire en secundaire preventie arteriële embolie.
- recidiverende veneuze trombo-embolie optredend onder antistollingsbehandeling (waarbij ingesteld werd op het 1e Intensiteitnivo).
- weefselhartklep.
- mechanische kunstklepprothese.
- veneuze trombo-embolie bij antifosfolipiden syndroom (lupus anticoagulans).
2 Referentiewaarden:
Streefnivo’s van antistolling zijn indicatie-afhankelijk.
3 Verlenging bij:
- orale antistolling (coumarinetherapie), afhankelijk van de dosis.
- ernstige vitamine K-deficiëntie.
- ernstige leveraandoeningen.
- aangeboren deficiëntie van de factoren II, VII, IX en X.
- heparinetherapie.
4 Opmerkingen
- de trombotest is gevoelig in het niet-therapeutische gebied en daardoor zeer geschikt voor de controle op gebruik van orale anticoagulantia. Alle in Nederland gebruikte trombotestbatches worden gecalibreerd door het RELAC (Referentie Instituut Laboratoriumonderzoek Antistollings Controle). Door de grote verscheidenheid van tromboplastinepreparaten en methoden van uitvoering bestaat er grote behoefde aan normalisatie van de protrombinetijd. Dit heeft geresulteerd in de INR (International Normalized Ratio), de universele schaal waarop de intensiteit van orale antistolling wordt uitgedrukt (voor toelichting: zie SAN Handboek 2002, hoofdstuk 2.2). Hoe hoger de INR, des te sterker de instelling.
- de trombotest is weinig gevoelig voor een lichte deficiëntie van de factoren II, VII en X.
Print deze pagina
Copyright © 2010 SAN -
info@de-san.nl